Dyslexiezorg Noord Nederland
Sluiten
Header placeholder
  1. Cliƫnttevredenheidscijfer is een 8.7!
  1. HomeBlue triangle
  2. DyslexieBlue triangle
  3. Vergoeding dyslexiezorgBlue triangle
  4. Meest gestelde vragenBlue triangle

Meest gestelde vragen

1. Wat kan ik doen als mijn kind al 13 jaar of ouder is?
Uw kind valt dan niet onder de dyslexieregeling in vergoede zorg. Als uw kind niet tot die groep behoort, maar u wilt toch een onderzoek, dan kunt u uw kind op eigen kosten laten onderzoeken op dyslexie. Neem voor meer informatie contact op met ons secretariaat.

2. Mijn kind wordt al heel snel 13 jaar. Wat nu?
Meld uw kind zo snel mogelijk aan bij een dyslexiepraktijk die waarschijnlijk vergoed zal worden (bijv. een praktijk die aangesloten is bij het NKD, zie www.nkd.nl). De zorg moet namelijk beginnen voor uw kind 13 jaar is geworden. 'Beginnen' betekent: de leerling moet aangemeld zijn door de GZ-psycholoog of Orthopedagoog-Generalist van de dyslexiepraktijk voor vergoeding. Kinderen die nog geen 13 jaar zijn en het basisonderwijs volgen in kunnen aanmerking kunnen komen voor vergoede dyslexiezorg.

3. Wat als de school niet aan ernstige dyslexie denkt?
U kunt uw kind alleen maar aanmelden als de school een compleet leerlingdossier afgeeft waarin duidelijk wordt gemaakt dat zij ernstige dyslexie vermoeden. Ook moet het duidelijk zijn dat de school langdurige en intensieve speciale begeleiding heeft gegeven (minstens drie keer per week, in een klein groepje). De school kan geen leerlingdossier voorbereiden als de leerling niet bij de zwakste 10% lezers en spellers behoort. Voor leerlingen die niet tot deze zwakste groep behoren is de regeling namelijk niet bedoeld: de vergoede dyslexiezorg is alleen voor de kinderen met zeer ernstige lees- en/of spellingproblemen. Bij kinderen met minder ernstige dyslexie zou de school met behulp van de dyslexieprotocollen voor het basisonderwijs voldoende hulp moeten kunnen bieden.
Meent u als ouder dat u toch meer hulp wilt dan de school kan bieden? Dan zult u zelf dyslexiebegeleiding moeten zoeken. Deze zult u (normaal gesproken) zelf moeten betalen.

4. Hoe moet het leerlingdossier er uit zien?
Dit moet een tamelijk uitgebreid dossier zijn, met onder andere:
  • basisgegevens uit het leerlingvolgsysteem;
  • beschrijving van het lees- en spellingprobleem;
  • signalering lees- en spellingproblemen: datum, toets (criteria, score), afgenomen door;
  • omschrijving van de extra begeleiding (doelen, duur, inhoud, organisatievorm, begeleider);
  • resultaten van de extra begeleiding en beschrijving van gebruikte toetsen en normering;
  • vaststelling toenemende achterstand ten opzichte van de normgroep, met vermelding van gebruikte toetsen en normcriteria;
  • argumentatie voor het vermoeden van ernstige dyslexie: aantonen van didactische resistentie na geboden begeleiding van voldoende intensiteit en kwaliteit;
  • indien bekend, vermelding en beschrijving van eventuele andere (leer)stoornissen;
  • Het dossier wordt getekend door de directeur namens het bevoegd gezag.

5. Wat als de school geen leerlingdossier kan aanleveren dat aan de voorwaarden van de regeling voldoet?
Dan kan de leerling niet worden aangemeld. Als een school echt tekortschiet wat betreft het lees- en spellingonderwijs en/of de extra begeleiding voor de leerlingen die extra hulp nodig hebben, is verwijzing naar de 'zorg' niet mogelijk. DZNN raadt aan om in overleg te gaan met de school van uw kind.

6. Is mijn kind alleen dyslectisch als hij/zij aan de criteria voor de dyslexieregeling van de vergoede dyslexiezorg voldoet?
Nee, vergoeding via de gemeente staat los van het hebben van dyslexie. Er wordt er van uit gegaan dat leerlingen met een niet al te ernstige dyslexie voldoende geholpen kunnen worden op school. De praktijk is dat als scholen hun leesonderwijs en extra begeleiding perfect in orde hebben (met behulp met de dyslexieprotocollen) er nog maar zeer weinig leerlingen uitvallen: ongeveer één per klas. Leerlingen met een lichte dyslexie en met een bovengemiddelde intelligentie hebben vaak helemaal geen extra hulp nodig op de basisschool. Toch kunnen zij op het voortgezet onderwijs toch dyslectisch blijken te zijn. Hoewel ze misschien nooit tot de zwakste 25% van de groep hebben behoord, kan het lezen en spellen op het voortgezet onderwijs toch problemen opleveren. Tijdens het onderzoek blijkt dat het lezen en spellen bij deze leerlingen vaak niet geautomatiseerd is. Het leestempo is vaak traag en weinig nauwkeurig en er worden veel spellingfouten gemaakt in proefwerken en werkstukken. Het leren van vreemde talen kost vaak erg veel moeite. Alle kinderen waarbij dyslexie gediagnosticeerd is, hebben recht op een dyslexieverklaring. Uiteraard zal er in de dyslexieverklaring voor een kind met een lichte dyslexie om minder hulpmiddelen en faciliteiten worden gevraagd dan in het geval van een kind met een ernstige dyslexie.

7. De lees- en spellingproblemen zijn niet ernstig genoeg en de school wil mijn kind niet laten testen. Wat nu?
De basisschool heeft maar een beperkt budget om leerlingen te laten testen. Ze zal er voor kiezen dit te besteden aan de leerlingen waarvoor een onderzoek het meest nodig is. Als uw kind niet tot die groep behoort, maar u wilt toch een onderzoek, dan kunt u uw kind op eigen kosten laten onderzoeken op dyslexie.

8. De lees- en spellingproblemen zijn bij mijn kind niet ernstig genoeg. Toch wil ik een dyslexieonderzoek laten doen. Kan dat?
Dyslexiepraktijken verrichten in 2013 uiteraard ook onderzoeken in opdracht van ouders, zonder dat deze het onderzoek vergoed krijgen. Bij minder ernstige problemen kan vaak het diagnostisch onderzoek ook wat minder uitgebreid zijn dan in geval van ernstige problematiek.

9. Wie maakt de keuze voor de dyslexiepraktijk, de ouders of de school?
De ouders maken de keuze met welke praktijk ze in zee willen gaan. Een voorwaarde voor vergoeding is wel dat de gemeente een contract met de gekozen praktijk heeft afgesloten. DZNN heeft contracten afgesloten met alle gemeenten en plaatsen in de regio Friesland, Groningen en Drenthe. Scholen kunnen ouders uiteraard wel adviseren bij de keuze van een dyslexiepraktijk. De school kan kennis hebben over de resultaten die de praktijk eerder bereikte met hun leerlingen. Ook ervaringen in de samenwerking met de praktijk kunnen bij advisering een rol spelen.

10. Waar wordt het dyslexieonderzoek gedaan en waar kan mijn kind worden behandeld?
Onderzoek en behandeling bij DZNN vinden plaats in Drachten, Joure, Jubbega, Makkum en Stadskanaal.

11. Wat als ouders niet vier keer per week kunnen of willen oefenen?
Dan zal een dyslexiebehandeling tot onvoldoende resultaten leiden. Als er geen oplossing voor het oefenen gevonden kan worden, dan zal er met de behandeling gestopt worden; hoe sneu dit ook is voor de betreffende leerling...
DZNN zal in zulke gevallen met de ouders/verzorgers en de school in overleg treden om een oplossing te vinden waarbij er toch voldoende individuele oefening kan plaatsvinden.

12. De dyslexie is niet ernstig genoeg. Krijgt het kind dan toch een verklaring?
Alle kinderen waarbij dyslexie gediagnosticeerd is, hebben recht op een dyslexieverklaring. Deze kan worden afgegeven door de verantwoordelijke GZ-Psycholoog of Orthopedagoog-Generalist.
Uiteraard zullen er in de dyslexieverklaring voor een kind met lichte dyslexie minder hulpmiddelen en faciliteiten worden gevraagd dan voor een kind met een ernstige dyslexie.

13. Wat moet ik doen als de school niet voldoende steun kan bieden? Kan mijn kind dan toch (niet vergoede) dyslexiebehandeling krijgen?
Jazeker, dat kan. De ouder kan daarbij kiezen voor behandeling in een niet-vergoed traject. De kosten zijn dan voor eigen rekening. Een dyslexiebehandeling start naar aanleiding van een dyslexieonderzoek en dyslexieverklaring.
Zie ook: niet vergoede specialiste dyslexiezorg.

Andere vragen?
Neem gerust contact op met ons secretariaat. Verdere uitgebreide informatie is te vinden op de volgende sites:

Ouders: zie www.steunpuntdyslexie.nl
Docenten/scholen: zie www.masterplandyslexie.nl of handreiking invulling zorgniveau